Het begin

chinees avondmaal (nr 15)

We zijn net een paar dagen in China. Met het vliegtuig naar Chengdu ging goed, wel erg slaperig uit het vliegtuig gekomen en een stuks bagage achtergebleven in Amsterdam. Uitstekende service van KLM, we kregen geld mee voor een hotel en de bagage werd ons nagebracht, waar we ook waren.

De eerste dag begon goed, China verwelkomde ons met een enorme regenbui van ongeveer een dag. Niet zo erg, we doken gelijk het hotel in om een dag bij te slapen.

De volgende dag op pad. “Pad” is wel wat makkelijker gezegd dan gedaan, welke kant moesten we op? Na tien rondjes rijden en veel mensen vragen kwamen we eindelijk op de goede weg richting Meishan. De wegen zijn uitstekend tot nu toe, we hadden het idee dat we soms op de snelweg reden maar op de rechterbaan fietst, kruipt en wandelt alles wat niet kan toeteren.

Verkeer in China lijkt erg chaotisch maar als je het eenmaal door hebt zit er toch een logica in. Iedereen rijdt rechts. Als iemand links af wil wachten ze niet tot het kan maar beginnen ze vast aan de linkerkant van de weg te rijden, tegen het verkeer in, om dan “soepel” in te voegen. Even wennen uiteraard….. kom je zo iemand tegen ga je hem gewoon, voor jou, links voorbij, hij/zij blijft geheel links rijden. Een kruising oversteken is een vak apart. Iedereen rijd gewoon door, degene die het hardste toetert of het meest doordrukt krijgt voorrang. Inhalen: toeteren en er voorbij. Haalt er al iemand in? Harder toeteren en die ook voorbij. En als je heel hard toetert mag je er drie dik voorbij. Dit is meestal alleen voor grote vrachtwagens weggelegd, die kunnen het best tegen een stootje mocht het verkeerd gaan.

Boedha

Boedha

Vandaag in Leshan naar de ‘grootste’ Boedha van de wereld geweest. Dat was te merken, want niet alleen wij stonden in de rij om dit gigantische beeld te aanschouwen. Het leek de Efteling wel. Maar na een dik uur werd ons wachten wel beloond en konden we het beeld vanaf zijn voeten bekijken.

Een dagje niet fietsen, we hangen de toerist uit. Lekker internetten tussen de ‘gamers’ en een rustig aanloopje voor de bergen die ons over een paar dagen staan te wachten. We hebben in de stad een goedkoop hotelletje gevonden voor twee nachten. Eerst onderhandelen over de prijs, de “hotel-vrouw” vroeg eerst 200 Yuan (=ca 20 euro) per nacht. Dit hebben we af kunnen ronden naar 150 Y voor twee nachten, waarbij we de fietsen (altijd) mee de kamer in nemen. Ze keek er een beetje sjagereinig bij, maar toen we de tweede kamer, waarvan zij dacht dat we daar de fietsen in wilden stallen, afsloegen fleurde ze helemaal op. We hadden dus nog meer af kunnen dingen…. We werden lachend naar boven geleid en kregen thee mee. Eenmaal gedoucht werd er geklopt op de deur…. Politie, twee man en een vrouw sterk. Daar stond ik (Paul) met alleen maar een handdoek voor. Gelukkig praatte de politievrouw een beetje Engels. Na controle van onze paspoorten (ze lazen hem eerst verkeerd om…) was alles ok. De volgende dag kwam onze “gastvrouw” ons weer tegemoet met een gezicht vol onweer. Of we nog weer wilden betalen, de truc met de politie was voor haar niet gelukt en ze probeerde waarschijnlijk op deze manier toch wat meer geld eruit te krijgen. We sloegen haar aanbod lachend af, soms is het wel makkelijk als je elkaar niet kan verstaan…..

Chinezen

groentevrouwen

Na een dag of 10 beginnen we een beetje een indruk te krijgen van de Chinezen. Dat is tot nu toe erg positief… ze zijn over het algemeen super vriendelijk. Sta je even op de hoek van een straat, word je gelijk aangesproken. Vaak willen ze hun Engels oefenen en is het “Hello” en “How are you?”. Daar houdt het dan wel mee op. Als wij dan wat terugzeggen, liggen ze vaak helemaal in een deuk hebben ze nog minstens 5 minuten grote lol hierom.

Een paar dagen terug zaten we aan ons dagelijkse noedelontbijt. Aan ons tafeltje zat een meisje van een jaar of 17. Zij had iets meer woorden dan Hello en How are you en we kregen een leuk gesprek. Na afscheid te hebben genomen, verscheen ze 5 minuten later weer aan onze tafel. Dit keer met twee taartjes verpakt in een mooi doosje. Een kadootje voor ons, zomaar… we waren erg aangenaam verrast. Als we de weg vragen, lopen ze vaak een heel eind mee om ons de goede richting op te laten gaan. Heel af en toe zijn we verbaasd over een stuk lompigheid en ongastvrijheid in sommige hotels. Is b.v. een handdoek voor douchen te veel gevraagd en zijn ze zichtbaar geërgerd als we om iets normaal vragen. Gelukkig is dit sporadisch.

Hooggebergte

mooie kampeerplekjes

Fietsen in het hooggebergte is een hele bijzondere ervaring tot nu toe. Bijna vanaf elke pas zien we de gelaatstrekken van de mensen en hun stijl van huizen veranderen. Het zijn nu meer Tibetanen die we tegen komen. Het klimmen naar deze grote hoogte is ook niet voor de poes. Dat vindt onze fietscomputerhoogtemeter ook… die kon het niet meer bijbenen. Op een gegeven moment bleef de meter op 3999 m. staan terwijl we nog steeds aan het klimmen waren. Ach ja, een Europees model he… daar zijn de bergen niet hoger. Nu hebben we het apparaat 1000 m. lager gezet en telt hij gewoon weer door.

Klommen we eerst nog in een wat grotere versnelling een helling op, fietsen we nu vaak in de allerkleinste bij de geringste stijging (gelukkig valt het stijgingspercentage op grote hoogte wel mee) en hijgen we ons suf. Maar boven komen we. Daar worden we vaak beloond met een schitterend uitzicht, helaas ook soms een hoop rijke Chinezen die ons nog interessanter vinden dan de omgeving. Het lijken wel paparazzi’s, zoveel foto’s zijn er van ons gemaakt. Later begrepen we dat Chinezen enorm veel respect hebben voor de individu die in hun ogen een grote prestatie levert.

Door de uitgestrektheid van het gebied, komen we niet altijd een plaatsje tegen waar we een hotelletje kunnen vinden. Het is dus af en toe kamperen geblazen. Dit is absoluut geen straf, want we staan op plekjes met prachtige uitzichten. De ene keer bij een hartelijke Tibetaanse familie en de volgende keer achter een huis in aanbouw waar de gebroken tentstok provisorisch maar doeltreffend gerepareerd kon worden door een paar bouwvakkers. Dit levert vaak een hoop hilariteit op, maar altijd heel gemoedelijk en leuk.

Mama Naxi

Mama Naxi

Nu we bijna aan het einde van het traject door China zijn, gaan we toch een beetje met weemoed afscheid nemen van dit land. China heeft ons in heel veel opzichten zeer aangenaam verrast, we hebben ons hier erg op ons gemak gevoelt. Vooral het hooggebergte van Sichuan met de uiterst vriendelijke en spontane Tibetanen. Nu in Yunnan zijn de mensen weer wat afwachtend en meer bescheiden, maar ook weer zeer behulpzaam en vriendelijk. Soms zijn ze weer erg overenthousiast zoals een paar dagen geleden toen we hier in Kunming een beetje nieuwsgierig een gebouw inliepen waar nogal wat bedrijvigheid was. Het bleek een kappersschool te zijn en voor dat we het wisten stonden er 20 meisjes en jongens om ons heen die ons wel een knipbeurt wilden geven. Grote hilariteit en veel gegiechel. Ga je hier een winkel in, word je ook gelijk (uiterst vriendelijk) belaagd door 2 of 3 verkoopsters die de hele winkel achter je aan blijven lopen. Ach ja… ook dat went. Heel veel van het dagelijks leven vindt plaats op straat. Je kan je bloeddruk op de stoep laten controleren, de tandartsstoel staat ook praktisch buiten en de wachtkamerstoelen van de huisarts staan binnen en buiten. De medische zorg lijkt erg toegankelijk.

We hebben in verschillende guesthouses geslapen. Over het algemeen heerst daar een leuke en relaxte sfeer. Met kop en schouders stak daar het onderkomen van Mama Naxi bovenuit. Mama Naxi is een kleine vrouw die zeer aanwezig is, de boel daar met verve bestierd en een hart van goud heeft. We zijn daar 2 nachten geweest en hebben daar superlekker gegeten met de andere gasten. De schaaltjes met lekkernij bleven maar komen en dat voor maar 1,50 euro p.p. Elke dag kregen we van haar wel een peer of een appel en als klap op de vuurpijl kwam ze onze laatste dag met een grote bananenpannenkoek aan. Voor dat we het wisten hadden we een dikke knuffel en 3 zoenen van haar te pakken. Ze wees ons nog even de goede weg uit de wirwar van straatjes en zwaaide ons uit.